Inleiding
Niet alle klanten hanteren een boekjaar dat loopt van 1 januari tot 31 december. De software biedt de mogelijkheid om hier flexibel mee om te gaan: zowel een afwijkend standaard boekjaar als een verlengd of verkort boekjaar zijn in te stellen op de klantkaart.
Afwijkend standaard boekjaar
Heeft een klant een boekjaar dat structureel afwijkt van het kalenderjaar — bijvoorbeeld van 1 maart tot 28 februari — dan leg je dit vast als standaard boekjaar op de klantkaart. De software houdt hier vervolgens automatisch rekening mee in het uitsteloverzicht.
Verlengd eerste boekjaar
Klanten die op een willekeurig moment zijn gestart, hebben soms een verlengd eerste boekjaar. Over dit eerste (verlengde) jaar hoeft geen aangifte te worden gedaan.
Gevolg voor het uitsteloverzicht: deze klanten zijn niet terug te vinden in het uitsteloverzicht voor het boekjaar waarvoor geen aangifte vereist is. Dit is het verwachte gedrag van de software.
Voorbeeld
Een onderneming heeft een standaard boekjaar van 1 december tot 30 november en is opgericht op 1 juli 2024. Het eerste boekjaar is verlengd: het loopt van de oprichtingsdatum tot het begin van het eerst volgende normale boekjaar.
Omdat de startdatum van het boekjaar bepalend is voor het jaar van uitstel aanvragen, moet uitstel worden aangevraagd voor het jaar 2024. De klant verschijnt in het uitsteloverzicht met boekjaar 1 juli 2024 – 30 november 2025.
Voor het jaar 2025 loopt het uitstel dan van 1 december 2024 tot 30 november 2025.
Stakingsdatum en verkort boekjaar
Vul je een stakingsdatum in op de klantkaart, dan ontstaat feitelijk een verkort boekjaar. Vanaf dat moment geldt:
De klant komt niet meer terug in het uitsteloverzicht voor boekjaren ná de stakingsdatum.
Dit is het verwachte gedrag; controleer bij vermiste klanten in het overzicht altijd of er per abuis een stakingsdatum is ingevuld.
